Reëel wil ik teveel
ik zou me kunnen leven
woester, wilder
tegen zonsondergang
het neervlijen vrijer
als het zand door vingers
mezelf ontglippen
achter rookwolken
van hete lusten nippen
maar reëel wil ik teveel
knoei niet met
te zoete druiven
eet ze in een stuk heel
balsem me in het morsen
als een klein gedrupte
tussen volle borsten
4 april 2006
Patricia duPrée







